Nieuws

TDI brengt ervaring in bij leeraanpak warmtepompen sociale huursector

TDI brengt ervaring in bij leeraanpak warmtepompen sociale huursector

De verduurzaming van installaties versnellen in de huursector. Dat is het doel van een nieuw initiatief van Techniek NL, Aedes en Mensen maken de Transitie (MMT) waar TDI bij is aangesloten. De initiatiefnemers willen barrières aanpakken zoals onzekerheid over energiekosten, investeringscapaciteit van verhuurders en duidelijkheid geven over onderhoudskosten van warmtepompen. Thomas Möhring Beleidsadviseur duurzaamheid bij woningcorporatie Parteon en Henry Kasper Themahouder Technologische Innovatie bij MMT én betrokken bij TDI lichten het initiatief toe.

“We zijn met ruim 250 woningcorporaties in Nederland en hebben met z’n allen de ambitie om te verduurzamen. De weg om dit succesvol te realiseren heeft echter een aantal hobbels. Door met alle betrokken partijen eerlijke gesprekken te voeren en knopen door te hakken kun je een en ander in beweging brengen”, begint Möhring. Kasper vult aan: “In de aanloop van dit initiatief is een aantal gesprekken gevoerd over de knelpunten bij het opschalen van warmtepompen bij woningcorporaties. Hieruit vloeiden vier actielijnen voort die we met het leerplatform de komende tijd zullen aanpakken.” Twee actielijnen zijn inmiddels opgestart: ‘Basis op orde’ en ‘Succesvolle aanpakken’.

Basis op orde

Möhring: “In ‘Basis op orde’ gaan we na wat de strategie is van een corporatie en wat de essentiële zaken zijn om te verduurzamen. Zo is de mate van belangrijkheid die bestuurders of het management geven aan verduurzaming, essentieel om een en ander snel in beweging te brengen. Daarnaast merken we dat corporaties vaak wachten op initiatieven die gemeenten willen uitrollen, voor ze beslissen of ze in een (hybride) warmtepomp zullen investeren. Dat zorgt voor een enorme vertraging. Het is beter om nu alvast acties te ondernemen.” 

Kasper: “Er zijn veel vragen op tactisch en strategisch niveau die helder moeten zijn vóór de warmtepomp als investering in beeld komt. Denk aan de mate van isolatie, de leeftijd van de bestaande installatie maar ook de total cost of ownership, de te verwachten onderhoudskosten, de impact van de verduurzaming op de bewoners. Daarbovenop is netcongestie een complicerende factor. Het is noodzakelijk om continu gesprekken te voeren met de juiste partijen. Een concreet actieplan hoe je als corporatie hiermee om moet gaan, is er nog niet, maar daar gaan we als collectief graag mee aan de slag om duidelijkheid te creëren.”

Het ontwerpen van innovatieve warmtepompsystemen zal eveneens een belangrijke bijdrage leveren aan de versnelling. Kasper: “Slimme warmtepompen die je kunt sturen zijn nodig om met netcongestie om te kunnen gaan. Daarvoor is de juiste datacommunicatie en software nodig. Met TDI hebben we op dat vlak al grote stappen voorwaarts gezet en deze kennis delen we binnen de leeraanpak. Daarnaast draait TDI mee in het net gestarte traject van NEN richting een technische richtlijn voor slimme warmtepompen. Een richtlijn die waarschijnlijk bepalend gaat zijn voor wel of geen subsidie op een warmtepomp.”

Succesvolle aanpakken

Een tweede actielijn is ‘Succesvolle aanpakken’. Kasper. “We zijn aan het inventariseren welke systemen, aanpak en methodes en afspraken goed werken zodat deze kunnen worden gedeeld en gebruikt door anderen. Goed samenwerken en eerlijk communiceren met elkaar blijkt alvast een belangrijke sleutel tot succes. Möhring: “Momenteel worden onzekerheden door gebrek aan jarenlange ervaring van installatie van warmtepompsystemen – doorberekend in offertes wat leidt tot hoge maandbedragen of hogere installatie- of onderhoudskosten. Dat is begrijpelijk, maar zit innovatie in de weg. Je moet samen de risico’s delen en kijken naar toekomstbestendige oplossingen, eventueel met andere businessmodellen of partnerschappen. Er is lef nodig om het op een andere manier te doen.”

Het enthousiasme en de bereidheid om het anders aan te pakken is in elk geval aanwezig. Kasper “Qua techniek, datacommunicatie en installatietijdverkorting hebben we met TDI al veel verbeteringen door kunnen voeren. Zo is er ook een werkstroom gestapelde bouw, waar technische oplossingen worden gezocht om compacte systemen met zo min mogelijk overlast te installeren. De Portiek Hybride van Breman Installatiegroep is daar een uitkomst van. Dit willen we verder uitwerken en met corporaties delen zodat we kunnen laten zien wat mogelijk is. Tegelijkertijd merken we dat het enthousiasme groeit om samen de handschoen op te pakken. We zijn nog maar net begonnen met het initiatief maar merken nu al dat er een grote bereidwilligheid is bij de deelnemende partijen om met en van elkaar te leren. Samen maken we verschil.”

>>Het project TDI500 is uitgevoerd met Topsector Energie subsidie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat, uitgevoerd door Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. De specifieke subsidie voor dit project betreft MOOI-subsidie ronde 2022.

Maarten Hommelberg (TDI) en Remco van der Linden (Techniek NL)
Maarten Hommelberg (TDI) en Remco van der Linden (Techniek NL)

TDI en Techniek Nederland versnellen energietransitie door samenwerking

De energietransitie is een belangrijk thema bij zowel het consortium Team Duurzaam Installeren (TDI) als Techniek Nederland. Daarom hebben de partijen voor diverse onderwerpen de koppen bij elkaar gestoken om elkaar te versterken. Dankzij een goede wisselwerking kunnen innovaties sneller sectorbreed worden uitgerold. Een win-win-situatie voor alle betrokken partijen.

“Wij werken als Techniek Nederland al jaren aan verduurzaming, onder meer door onze leden toegang te geven tot de nieuwste inzichten, richtlijnen en best practices. Sinds 2022 hebben tien koplopers in de installatiebranche – eveneens lid van Techniek Nederland - in het consortium TDI hun krachten gebundeld om de installatie van (hybride) warmtepompen te versnellen. Een aantal topics waar TDI mee aan de slag is gegaan, komt overeen met zaken die wij eveneens op de agenda hebben staan. Hierdoor is het niet meer dan logisch dat we elkaar hebben opgezocht om na te gaan hoe we elkaar hierin kunnen versterken en de sector nog beter kunnen ondersteunen”,  legt Remco van der Linden, directeur Techniek en markt van Techniek Nederland uit.

Datastekker

TDI en Techniek Nederland werken onder meer samen aan data gerelateerde onderwerpen. Maarten Hommelberg, directeur TDI, hierover: “In een deelproject van TDI500 ontwikkelen installateurs samen met fabrikanten een uniforme datastekker. Hiermee kunnen installateurs, ongeacht type of merk, eenvoudig met alle warmtepompen in het veld communiceren wat hen veel tijd bespaart. Belangrijk is dat dit goed aansluit op de software die installateurs in de sector toepassen én dat het sectorbreed kan worden uitgerold.”

Hetzelfde geldt voor de prestatiedata van beheerde warmtepompen per woning. “Het is nodig dit te vertalen naar efficiënt installatiebeheer en predictive maintenance om een versnelling te kunnen maken. In de praktijk registreert ieder installatiebedrijf de onderhoudsdata van de assets op een eigen bedrijfsspecifieke manier. Kun je hier eenheid in bereiken, dan is de informatieoverdracht van het onderhoud – bijvoorbeeld bij grote bouwprojecten of woningcorporaties – veel eenvoudiger. Ook hier is een sectorbrede, uniforme aanpak gewenst.”

Assetregistratie

Van der Linden. “Om assetregistratie van installaties te vereenvoudigen en aan te sluiten op de ontwikkelingen in de sector, heeft Techniek Nederland samen met andere organisaties de sectorbrede basis gelegd voor digiGO, wat staat voor Digitaal samenwerken in de Gebouwde Omgeving. Doel ervan is om te zorgen voor versnelling van ketenbrede digitalisering. We kunnen hierdoor de  assetregistratie en datastekker eenvoudiger sectorbreed uitrollen op een uniforme wijze volgens de afspraken van het Digitaal Stelsel Gebouwde Omgeving. We kijken daarbij ook samen naar de manier waarop dit moet gebeuren zodat we voldoen aan de Europese regelgeving, rekening houdend met bijvoorbeeld de AVG (Algemene verordening gegevensbescherming, red.).”

Herdere rolverdeling

TDI en Techniek Nederland hebben dezelfde visie om voort te bouwen op wat er is om te kunnen versnellen. “Dankzij onze samenwerking kunnen we elkaar versterken”, legt Hommelberg uit. “TDI heeft de ambitie om het installatieproces te versnellen. Om die versnelling waar te maken is innovatie nodig op diverse deelgebieden, waar het consortium zich op toelegt. Daarbij is het logisch om niet opnieuw het wiel uit te vinden, maar na te gaan wat er al op brancheniveau en in de bouw- en technieksector gebeurt.”  Van der Linden: “Techniek Nederland heeft al een applicatieportfolio ontwikkeld om bedrijven te ondersteunen met hun bedrijfsvoering, ondersteuning en onderhoud. Het is interessant dat TDI dit meeneemt in hun deelproject over digitalisering. Wanneer het consortium vervolgens technisch inhoudelijk een basis heeft uitgewerkt, zoals bij de datastekker, is er weer een organisatorische stap nodig om het verder te brengen en steken we de koppen opnieuw bij elkaar en voeren we gesprekken over de uitvoering, timing en financiële middelen.”

Samen optrekken richting woningcorporaties 

Hommelberg geeft nog een voorbeeld. “Het schrappen van der normering om vanaf 2026 een (hybride) warmtepomp aan te schaffen wanneer de cv-ketel aan vervanging toe is, heeft geleid tot een dalende vraag vanuit de markt. Maar de ambitie om de uitstoot in de gebouwde omgeving te verminderen blijft onveranderd. Daarom hebben we besloten om actiever de samenwerking op te zoeken met woningcorporaties. Dit om na te gaan hoe we barrières kunnen wegnemen zodat de keuze voor een (hybride) warmtepomp sneller wordt gemaakt. Techniek Nederland voert eveneens gesprekken met de branchevereniging van woningcorporaties, AEDES. Daarom hebben we besloten om ook hier samen op te trekken en elkaar te versterken.”

>>Het project TDI500 is uitgevoerd met Topsector Energie subsidie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat, uitgevoerd door Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. De specifieke subsidie voor dit project betreft MOOI-subsidie ronde 2022.
Werksessie monteurs

De installatietijd van warmtepompen gaat steeds verder omlaag

TDI500 wil de uitrol van hybride warmtepompen versnellen door onder meer de installatietijd te halveren dankzij innovaties en procesverbeteringen. “In een jaar tijd is de installatietijd aanzienlijk gedaald. En er zit nog meer in het vat”, stelt Pieter van der Hauw, manager B2B bij Feenstra. Samen met Henry Kasper, themahouder technologische innovatie bij Mensen maken de transitie legt hij uit hoe verbeteringen zijn doorgevoerd. 

“TDI startte ruim een jaar geleden met een nulmeting bij de installatie van een hybride warmtepomp in een ‘representatieve’ corporatiewoning om de installatietijd vast te leggen. De installatietijd bedroeg in deze eerste meting 17,1 uur. Ruim een jaar later voerden we een tweede meting uit waarbij we uitkwamen op 14,7 uur: een verbetering van 2,4 uur”, legt Pieter van der Hauw uit. De installatietijdverkorting is het resultaat van diverse factoren, vult Henry Kasper aan. “Ten eerste worden monteurs steeds meer geroutineerd door de ervaring die ze opdoen. Tijdswinst bereiken ze door fouten te voorkomen en zaken praktischer aan te pakken. Zo kunnen de monteurs op het gebied van in bedrijfstelling veel tijd besparen omdat ze nu weten met welke parameters ze moeten werken. We hebben daarnaast de monteurs van verschillende installateurs met elkaar in contact gebracht zodat ze hun ervaringen kunnen delen. Door mensen samen te brengen worden werkmethodes of handigheden sneller overgenomen.”

Goed voorbereiden

Een goede voorbereiding leidt eveneens tot een snellere installatie. Van der Hauw: “Soms is het mogelijk om al in de voorbereidende fase koppelingen te maken, buizen voor te buigen of met prefab elementen te werken. Zo zijn er diverse integraties mogelijk, van een all-in-one systeem waarbij de binnenuit is geïntegreerd in de cv-ketel tot skids met een buffervat, pomp en luchtafscheider. Het versnelt de installatie terwijl ook een andere taakverdeling mogelijk is. Een prefab montageframe waar appendages op zijn bevestigd kan bijvoorbeeld ook een hulpmonteur monteren. Je verlaagt het kennisniveau en de hulpmonteur is al in een eerder stadium productief.”

Een andere taakverdeling 

Een andere taakverdeling – functiesplitsing – kan veel tijdswinst opleveren. Kasper geeft een voorbeeld: “Vaak moet je aan een klant uitleggen hoe de installatie functioneert en hoe je bijvoorbeeld een slimme thermostaat kunt instellen. Wie het meeste ervaring heeft of het handigst is in het installeren is niet noodzakelijk diegene die de beste communicatievaardigheden heeft. Soms kan een jonge monteur veel eenvoudiger het ICT-gedeelte uitleggen. Daar kun je slim gebruik van maken.”

Installatietijd terugbrengen naar 12 uur

De ambitie is om de installatietijd nog verder terug te brengen. “Van der Hauw: “We willen naar 12 uur zodat je met drie fte’s twee installaties op één dag kunt realiseren. Dit willen we onder meer bereiken door samen met de monteurs een wensenlijst samen te stellen waarmee we gericht naar de fabrikanten kunnen terugkoppelen hoe zij een bijdrage kunnen leveren om de installatie te vereenvoudigen. Denk aan het terugbrengen van het aantal koppelingen of aansluitingen dat moet worden gemaakt,  elektrische klemsystemen die nu moeten worden geschroefd, maar in principe zijn te vervangen door een kliksysteem, het verder integreren van appendages, het combineren van kabelbomen en leidingen, het standaardiseren van de waterzijdige- en koeltechnische aansluitingen zodat wat wordt aangeleverd altijd past qua diameter en positie enzovoort.”

Om beter te kunnen installeren en de schaarste aan personeel op te vangen willen we daarnaast focussen op de hanteerbaarheid en de servicebaarheid  (dus de toegankelijkheid ) van onderdelen  van warmtepompinstallaties. Ook dat kan leiden tot snellere installatie én tevreden monteurs.”

Betere logistiek

Tot slot zal ook het logistieke gedeelte opnieuw onder de loep worden genomen. Kasper: “We willen bijvoorbeeld onderzoeken hoe we systemen of modules slimmer naar de zolderverdieping kunnen brengen. Vaak zorgen modules die lastig door de smalle, steile trappenhal naar boven moeten worden gebracht voor heel wat hoofdbrekens terwijl monteurs ze, eenmaal boven, weer aan elkaar moeten koppelen. Een eenvoudigere oplossing is mogelijk om het geheel meteen via het dak in de woning te brengen. Daar is al wel ervaring mee opgedaan maar hier liggen nog veel meer opties. Standaard situaties die veel voorkomen willen we op een andere manier kunnen oplossen zodat het installatietraject vereenvoudigt. Voordeel is dat je daarbij de samenwerking kunt opzoeken met bijvoorbeeld bouwpartners die gewend zijn om met kranen te werken. Zeker bij grotere projecten of projectmatige werkzaamheden loont het om de koppen bij elkaar te steken en zaken uit te besteden. Kortom, we hebben al mooie stappen gemaakt, maar de ambities liggen nog veel hoger.”

 

>>Het project TDI500 is uitgevoerd met Topsector Energie subsidie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat, uitgevoerd door Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. De specifieke subsidie voor dit project betreft MOOI-subsidie ronde 2022.

 

Team Duurzaam Installeren (TDI) is een samenwerking tussen tien koplopers in de installatiebranche.

Inschrijven nieuwsbrief

Vul het vereiste veld in.